Sewing machines
Seidel & Naumann Models 8 & 9 — User manual
User manual for Seidel & Naumann Models 8 & 9. 18 pages in Dutch. Read the original PDF, download or print a copy without registration.
18 pagesDutch12.9 MB PDF

Loading your manual…Open PDF directly
Document details
- Brand
- Seidel & Naumann
- Model / document
- Seidel & Naumann Models 8 & 9
- Document type
- User manual
- Language
- Dutch
- Pages
- 18
- File size
- 12.9 MB
- Category
- Sewing machines
- Document date
- Not specified in catalog
Search available document text
Find a term, then jump to its page in the original PDF. Image-only pages may not be searchable; check the PDF for exact wording and diagrams.
Page 1 · Read text
Maumann®
K1. 8
Kokerschuitje
naaimachine
ASTERDAMOCHE
ILEWE
8R8
Handleiding
bij het gebruikView original page 1Page 2 · Read text
HANDLEIDING
bij het gebruik der
Kokerschuitje-
naaimachine.
Inhoud:
Bladzijde
1. Algemeene wenken 3
2. De drijfriem 3
3. Hetuitnemen van het naaiwerk 4
3а. Het handrad
4. Trapoefening
5. Het uitnemen van het schuitje
6. Het opspoelen .
7. Het inzetten van het klosje 8
8. Inleggen van het schuitje
9. De persvoet
10. De naald
11. De steekplaat 10
12. Het inrijgen van den boven-
draad 10
13.Het omhoog halen van den
draad 11
14. Het naaien 12
15. De spanning van den draad 12
16.Regeling der spanning van
den bovendraad 13
17. Regeling der spanning van
den onderdraad 13
18.De regulateur van de steek
en het achteruit naaien 14
19. De draad 14
20.Het overspringen van steken 15
21. Een ongeliike naad 15
22 Het onderhout der machine 15
23. Onderdeelen 17
24. Apparaten 18 -24
25. Aanwijzing bij het borduren
en stoppen 25- 31
8. Holl.View original page 2Page 3 · Read text
1. Algemeene wenken.
Men leze dezo handleiding nauw-
keurig door en voere daarbij iedere
beweging aan de naaimachine uit. Men
moet daarbij nooit geweld gebruiken.
Om ze te smeren moet men alleen
de voorgeschrevennaaimachineolie
gebruiken. Men verkrijgt alleen goede
resultaten, indien men de naalden
gebruikt, die voor deze machine zijn
voorgeschreven (zie artikel 10).
Indien de machine door den loop
der tijden of door onvakkundige be-
ha deling niet meer goed zou loopen,
moet men niet den eenen of anderen
werktuigkundige er bij halen, maar
naar onzen vertegenwoordiger gaan,
waar men deze machine heeft ge-
kocht. Hij kent ze het best en heeft
er belang bij, dat ze goed in orde
wordi gehouden.
Schuitjes, spoelen en andere onder-
deelen, moet men steeds bij onzen
vertegenwoordiger koopen.
2. De drijfriem.
Is de verpakking van de machine
verwijderd, dan legt men den riem in
de riemgleuf van het vliegwiel en
steekt hem door de gaten van het
tafelblad om de as van onderstelvlieg-
wiel heen, vervolgens haakt men hem
tezamen en draait het wiel een of
meerdere malen rond.
3View original page 3Page 4 · Read text
weer losgemaakt en kan dan om het Hierdour komt de drijfriem op het
wiel gelegd worden, daar anders dedrijfwiel te liggen. De riem mag
niet te strak zitten, anders loopt
de machine moeilijk.Wordt de
riem na verloop van tijd wat te
los, dan moet hij naar verhouding
korter gemaakt worden.
3. Het uitnemen van het
naaiwerk.
Indien de knop "a" in de richting van
het pijltje 1 gedraaid (drijfwiel vast-
houden) wordt
het mechanis-
me uitgescha-
keld. Wordt de
knop "a" in de
richting van het
pijltje2gedraaid Afbeelding 1a.
(drijfwiel vast-
kast niet over het bovengedeelte der
houden) dan
machine zou gaan.
loopt het me-
Geolied wordt door de gaten 1, 2, 3.
chanisme bij het
Afbeelding 1. trappen mee.
4. Trapoefening:
За. Het handrad. Men schakelt het naaiwerk uit,
draait het drijfwiel naar zich toe en Het handrad wordt alleen op bij-
laat de voetenzondere bestelling bij hand- of trap-
de bewegingmachines geleverd. Het is achter ana
van de trededen arm der naaimachine bevestigd
volgen. Daaropen wordt door een pal "a", die in de
oefent men zichspaken van het wiel grijpt met de
in het trappenmachine verbonden. Door een vinger-
en begint nietsdruk op "a", van binnen naar buiten,
kan de verbinding met het wiel weer Afb. 2 nieuws te lee-
ren, voor menverbroken worden. Het rad moet in
de bewegingderde richting van de pijl gedraaid wor-
machine volko-den.
men in zijn Door een veerende stift 4 wordt de
machtheeft. Alsslinger 5 vastgehouden en wordt door
men begint ofhet terugtrekken der Stiftknoop 4
54View original page 4Page 5 · Read text
ophoudt, mag het mechanisme nooit neemt het schuitje eruit. Het klosje
in de verkeerde richting loopen. valt vanzelf uit het schuitje.
Men rijgt het garen in de naald, heft Men let goed op: Nadat men het
den persvoet, door den pershefboom schuitje in de huils gelegd heeft,
"b" (Afbeelding 2) in de hoogte te moeten de beide
drukken. legt er een stukje stof onder schuiven van het
(de een of andere rest, geen werkelijk schuitje gesloten
naaiwerk) en laat den persvoet weer zijn, voor men de
naar beneden. Nu begint men te machine in bewe-
trappen en oefent dit zoo lang, tot men ging brengt. Het
meester is over de stof. schuitje kan er an-
Verkeerd is het aan de stof te ders uitspringen en
trekken, daar hierdoor de naald kan den arbeid onbruik-
verbuigen. Men mag de machine nooit baar maken.
in beweging zetten, wanneer de pers- Afbeelding 4.
voet naar beneden is, zonder dat er 6. Het opspoelen.
zich stof onder bevindt. Men moet
De draad loopt van den garenklos
letten op het geluid, dat de machine door hetachterste geleigaatje 1maakt, als ze loopt. De maat van het
trappen mag niet domineeren. de toon 1
der machine moet een regelmatig
snorrende toon zijn.
5. Het uitnemen van het
schuitje.
Men opent de schuifplaat "c" (Af-
beelding 3) brengt door het draaien
van het drijfrad
het schuitje in 6
de voorste hou- 3
ding en bekijkt
precies de d
plaats en hoe de
draadisingesto-
ken. Ditzal bij de
volgende oefe-
ningen van nut
Afbeelding 5. zijn. Dan drukt
men op de veer, tusschen de beide spanschijven 2
Afbeelding 3. die het schuitje door de gleuf in gat 3 van den hef-
eruit werpt "d" (Afbeelding 3), en boom, van den draad geleider 4 en
6 7View original page 5Page 6 · Read text
wordt dan in het gat van de koperen klosje komt dus naar buiten. Men
schijf van de spoel van binnen naar houdt klosje en schuitje vast en leidt
buiten ingestoken. Nu trekt men de de draad tot aan het einde van de
veerbout 5 iets terug en plaatst de gleef (Afbeelding 7), dan weer in de
schijf met gaatjes zoo in den garen- hoogte tot de draad onder het spitse
winder, dat de pin van de klos van den gedeelte van de spanningveer weg-
garenwinder 6 in een van de gaatjes gegleden is en controleert de span-
van zijn schijf grijpt en de draad daar- ning van het schuitje, door aan de
doortegelijkertijd vastgegrepen wordt. draad te trekken, waarbij het klosje
Nu begint men te trappen, nadat men begint te draaien (Afbeelding 8).
het mechanisme losgemaakt heeft en
8. Inleggen van het schuitje. drukt van onderen op hefboom 7. De
draad wordt nu gelijkmatig op het
klosje gerold. Wanneer het klosje Afb. 9. Men gelieve
vol is, springt de garenwinder van erop te letten,
zelf uit het drijfrad. dat het bakje
7. Het inzetten van een nieuw voor het schu-
klosje. itje geheel
Men houdt hetschuitje met de naar voren
inkerhand, met de punt naar zich
staat, legt het
Afb. 7.
schuitjeerin
en sluit de
schuif c.
(Afb. 9)
9. De persvoet.
Afb. 6. Indien men dunne stoffen naait,
zal het doelmatig zijn, indien men
schroef "K" (Afbeelding 10) en weinig
terugdraait (naar links draaien) waar-
toegekeerd en door de druk op de stof vermindert.
steekt het klos- Dikke stoffen verlangen wat meer
je er zoo in, dat druk. Daarom draait men de schroef
men de draad "K" dan iets naar rechts.
van boven naar
rechts kan af- 10. De naald. Afb. 8
wikkelen. Om eene nieuwe naald in te zetten,
Het stompe brengt men de naaldstang op haar
deel van het hoogste punt en zet de naald erin,
8View original page 6Page 7 · Read text
(platte kant naar rechts) tot zij van (vanvoren om erin leggen) en wordt
boven aanstoot. Dan draait men de van links naar rechts door het oog
schroef van den naaldhouder vast, van de naald gestoken. De draad
moet ongeveer 10 cm uit het gat
Men gebruike alleen naalden 705. hangen.
Men gebruike voor:
Soort Katoen-
No. 705 garen No.
Batist, neteldoek, tulle No. 7 100—150 2
Zeer fijn linnen, fijn
kaliko, fijne zijden
stoffen 8 80 - 100
Linnen, zijden stoffen 9 60- 80
Grof linnen, dikke
zijden stoffen „ 10 50 - 60
Fijne wollen stoffen,
Lederstikken • „ 11 30 - 50
Wollen stoffen, Lakens „12 20 - 30
11. De steekplaat. 3
Men moet de gewone steekplaat 4
Afbeeld. 10wisselen met de steekplaat met 6
kleine gaten, die er bij gegeven is,
wanneer men met een dunne naald
en dunne draad moet naaien. Bij
hetaanbrengen van de steekplaat
moet men erop letten, dat de naald
precies in het midden van het gat
van de plaat komt te staan.
12. Het inrijgen van den
bovendraad.
De bovendraad loopt van de garen-
klos 1 door het draadoogje 2 (erin 13. Het omhooghalen van den
haken) tusschen de beide spannings- draad:
schijven 3 (erinleggen) door de veer
4 (inhaken) door het gat van den Men houdt den bovendraad in de
hefboom 5 door het gaatje 6 van de linkerhand, draait het drijfrad een
frontplaat (er van achteren inhaken) maal om (naar zich toe) en trekt den
door het gat van den naaldhouder 7 draad iets aan, waardoor de onder-
10 11View original page 7Page 8 · Read text
Komen er aan den onderkantdraad naar boven wordt gehaald.
lussen (Afbeelding 13), dan is deNu legt men beide draadeinden naar
spanning van den bovendraadte zwak.achteren en houdt ze in de hand tot
de eerste steken genaaid zijn.
14. Het naaien. Afbeelding 13
Men leg teen stuk stof eronder, om Wat van beide het geval is, kan
proef te naaien en begint te naaien. men gemakkelijk vaststellen, wanneer
Men leidt het werk met de handen men de spanning der draden met de
trekt of schuift het in geen geval, hand controleert (die van den boven-
aangezien de naald anders gemakke- draad met losgemaakten persvoet)
lijk zou kunnen breken.
16. Regeling der spanning
15. De spanning van den draad. van den bovendraad.
Men bekijkt den genaaiden naad Is die te sterk, dan moet de moer
goed. Ze moet zijn gelijk afbeelding "g" in de richting 1 (Afbeelding 2)
11 d. w.z. de draden moeten met volgens pijl worden gedraaid.
elkaar in Is die te zwak, dan moet de moer
"g" in de tegenovergestelde richting
volgens pijl 2 worden gedraaid.
17. Regeling van de spanning
Afbeelding 11. van den onderdraad.
verbinding komen in het midden van Is die te sterk, dan draait men de
de stof. Een steek is volmaakt, indien schroef van de spanningsveer door
zij er van beide kanten gelijk uitziet. middelvanden
De spanning van den bovendraad is schroeven-
dan gelijk an de spanning van den Afb. 14. draaier, die er
onderdraad. De machines worden bij gegeven
steeds, voor ze afgeleverdworden, wordt, er iets
gereguleerd. uit, doch niet
zoo ver, dat
ze naar buiten
steekt, aange-
Afbeelding 12. zien de draad
Komen er aan den bovenkant duide- er anders aan
lijk lussen (Afbeelding 12) dan is de blijft hangen, en breken kan.Is ze
spanning van den bovendraad te te zwak, dan moet man de schroef
sterk of de spanning van den onder- van de spanningsveer er iets uit-
draad te gering. draaien.
12 13View original page 8Page 9 · Read text
20. Het overspringen van 18. De regulateur van den
Steken.
steek en het achteruit naaien.
De oorzaak kan zijn:
Door de regulateur (Afbeelding 15) a) dat de machine door niet vak-
kan men de lengte van den steek kundige behandelingverdraaid
precies regelen. IS,
Staat de knop- b) dat denaald verbogen is, te
laag staat of er verkeerd in zit, schroef "j" op c) de draad te dik, de naald te 0 - dan wordt fijn is
de stof in het
geheel niet ge- 21. Een ongelijke naad
onstaat wanneer: transporteerd,
drukt men ze a) het klosje er verkeerd in gezet
is, zoodat de draad naar de naar beneden, verkeerde richting weggetrok-
dan worden de hen wordt,
steken steeds b) de boven- en onderdraad niet Afbeelding 15.
langer. Wil men precies door de spanningen
met dezelfde lengte van den steek geregeld worden (zie artikel 15
Zijde 12 18achteruit naaien, dan schroeft men de
schroef "j" er in tot zestuit en C) Stof,elkaardraadpassen,en dusnaaldnaaldniet bil
wordt zij over het nulpunt naar boven draad te dik of te dun zijn,
geslagen. d) het klosje niet gelijkmatig op-
gewonden is.
19. De draad
22. Hetonderhout dermachine.
kan breken, wanneer
De machine moet steeds schoon ge-
a) het gat van de steekplaat ruw houden worden en goed geolied. Om
is of de naald krom,
b) als de spanning van den draad
te groot is,
c) de draad tedik of niet gelijk-
matig dik of de naald te fijn is,
d) despanningsschroef van het
schuitje er te ver is uitgedraaid
e) indien inplaats van de naald-
plaat met groot gat, die met
kleingat genomen wordt en
daarbijdikke naalden en dik
garen gebruikt worden.
f)als een verkeerd soort naald Afb. 16.
gebruikt wordt, De laatsen, waar gesmeerd moet worden, zijn
g) de naald er niet goed in zit. door een punt en een streep aangegeven.
14 15View original page 9Page 10 · Read text
ze te olien moet alleen de fijnste naai- deelen bijzonder goed met petroleum
machineolie gebruikt worden. Alle schoon gemaakt worden. Dit werk
andere soorten worden hard in de wordt zoo lang gedaan, totdat alle
machine on maken ze onbruikbaar. De resten vuil door de petroleum zijn
deelen, die geolied moeten worden, opgelost, waarna alles schoon af-
geveegd wordt. Dan kan men eerst op
nieuw met naaimachineolie oliën.
23. Onderdeelen.
Bij iedere Kokerschuitje-naaimachine
Afb. 17. ontvangt men gratis:
De plaatsen, waar gesmeerd moet worden, zijn
door en punt en een streep aangegeven. 1. 10 naalden in verschillende dikten,
waarvan een in de machine. zijn op afbeelding 16 en 17 aan-
2. 6 klosjes meteen doosje, waarvan
gegeven. De machine moet bij de
een in het schuitje.punten 1-6 voortdurendgeolied
3. 1 gewone naaivoet aan de machine.
worden. Punt 6 ligt tegenover de
4. 1 liniaal mlet schroef.
treeplank.
5. 1 smalle zoomer. en een breede
zoomer.
6. 1 plooier.
7. 1 overnaaier.
8. 1 watteerder en 1 watteerknop.
9. 1 soutacheur.
10. 1 veer om den draad te regelen.
11. 1 plaatje om de steken te regelen.
12. 2 schroevendraaiersen
1 schroevendraaier voor het
schuitje.
13. 1 oliekannetje.
14. 1 Fleschje olie.
15. 1 gebruiksaanwijzing.
16. 1 doos voor de gercedschappen.
6 -- - 5
Andere apparaten worden op ver-
Afbeelding 18. langen tegen extraprijs geleverd.
Indien de machine langen tijd niet
gebruikt is geworden, moeten alle
16 17View original page 10Page 11 · Read text
24. Apparaten voor de den inham van den zoomer, tot aan
Kokerschuitje naaimachine. de naald. Dan neemt men de stof,
trekt hem zoo als de afbeelding het
laat zien in den zoomer en begint
voorzichtig te naaien.
De overnaaier.
Gedurende het naaien moet de stof
Om over te naaien legt men twee zoo geleid worden. dat te zoomer
stukken stof op elkaar, laat echter
den kant van het onderliggende stuk
ongeveer 4 m M. vooruit steken. De
vooruitstekende kant alleen moet,
evena's bij den zoomer. door den
geheel gevuld is en de zoom in den
inham voldoende omgeslagen wordt.
doch er mag nooit te veel inloopen
Dit gebeurt heel licht, wanneer men
de stof voor den inham van den overnaaier loopen. Op deze manier
zoomer met de hand al te veel naar worden de beide stukken aan elkaar
binnen drukt. Door oetening zal men genaaid®
weldra de juiste manier leeren, Dan legt men de stof uit, strijkt de
naad glad en laat den kant, die nu
De breede zoomer. ontstaat nog eenmaal door den over-
naaier loopen, om hem plat te naaien. Men gebruikt hem voor het zoomen
van zeer dikkestoffen of twe stoffen
tegelijk. Het gebruik is precies als zoo
De zoomer voor smalle even omschreven. Ook mooie over-
zoomen. naden kan men met den breeden
zoomer, als boven bij den overnaaier
Nadat men den zoomer op de plaats
omschreven, bereiken.
van den gewonen persvoet heeft aan-
geschroefd, brengt men het begin van
de stot, die gezoomd moet worden en Der verschuifbare zoomer.
die men 1 m.M.breed heeft omgeslagen De verschuifbare zoomer wordt, als
met een puntig voorwerp, zoover in de liniaalmet de knopschroef aan-
18 19View original page 11Page 12 · Read text
geschroefd en dient tot het naaien
van bijzonder breede of dikke zoomen
Men gaat precies zoo te werk als bij
den smallen zoomer, door het omge-
bogen begin van de stof in den in-
ham te brengen tot onder de naald en
er op te letten, dat er steeds voldoende
stof in den zoomer loopt, zoodat de
kant iwee maal omslaat.
0og voor de draad naar den persvoet
geleid. Deze heeft, zooals afgebeeld,
een schuine opening, waardoor het
soutache naar beneden wordt ge-
trokken, zoodat het gedurende het
naaien juist onder de naald komt te
liggen. Door eenige oefening zal men
evenals bij de andere voetjes, gauw
met het gebruik vertrouwd geraken.
De liniaal en de knopschroef.
Om dezen zoomer voor zoomen van Wanneer men een naad moet maken,
verschillende breedte te gebruiken, die parallel met een kant moet loopen,
maakt men de schroef wat los in de schroeft men de liniaal met de daartoe
gleuf. De plaat met indeeling kan men behoorende schroef, die in het gat
dan verschuiven. Den smalsten zoom rechts naast de steekplaat past, op
krijgt men als men den wijzer op 0 de plaat vast. Al naar den gewensch-
zet; hoe hooger nummer men neemt,
des te breeder wordt de zoom. De
losgedraaide schroef moet, voor men
gaat naaien, weer vastgedraaid
worden.
De verschuifbare soutacheur.
Het soutache wordt glad op een
klosje gewonden, deze boven op de tenafstand van den naad vanden
pin gezet en het soutache door het kant van de stof, plaatst men den
20 21View original page 12Page 13 · Read text
De inhaler.
rechten kant van de liniaal minder of
Met behulp van dit eenvoudige in-
meer verwijderd van de naald.
strument kan men van twee op elkaar
De liniaal dient ook tot het naaien gelegde stoffen de onderste inhalen,
van plooien en opslagen ofomin terwijl de bovenste glad blijft. Men
dezelfde richting of in rechte richting brengt de stof, die ingehaald moet
de eene naad naast de andere te worden, onder den inhaler op den
naaien. Men spaart hierdoor het tijd- stofschuiveren die, welke glad
roovende teekenen der lijnen. moet blijven, boven in de schuif
vanden inhaler. De stofschuiver
reageert alleen op de onderste
De verschuifbare stof,terwijl deandere achter
lintomboorder. blijft. De onderste stof komt dan
in kleine plooitjes te liggen. Hoe
De lintomboorder dient om klee- grooter men den steek maakt, des te
dingstukken en waschgoed te boor- grooter worden de ploitjes
den. Hetaanspelden van het band
Dichte plooien krijgt men, als men
wordt gespaard. Men brengt het de bovenstof aantrekt. Voor groote
band tusschende beide haken kleermakersbedrijven en voor het
(houders) zoo, dat het zich er losjes maken van waschgoed is het aan te
tusschen beweegt en maakt de
bevelen, den zelfinhaler en den zelf-
boorden in dezen stand (zooals de
plooier aan te schaffen, die men bij
liniaal) met de schroef op de plaat.
den verkooper der machine of aan
De stof wordt nu onder de pers-
de fabriek kan bestellen.
voet gebracht en wel tusschen de
De watteerder.beide haken, die het band reeds
vasthouden, waardoor het om de stof Deze is van belang bij het naaien
gaat liggen en zoo vastgenaaid kan van gewatteerde stukken. Met behulp
worden. van dezen kan men rijen en quadraten
van gelijke breedte naaien, zonder dat
22 23View original page 13Page 14 · Read text
men ze van te voren behoeft te 25. Aanwijzing bij het bor-
teekenen. De watteerder, een gebogen duren en stoppen.
stuk metaal, wordt tegelijkertijd door
de zijdelingsche gaten in den watteer- Voorbereiding der machine.
beugel en in de transporteurstang Bij den hoogsten stand van de
geleid, zooals de teekening laat zien naald wordt de persvoet met de
en dan met de schroef achter in den schroef, weggenommen. Dan wordt
beugel aan de transporteurstang de transporteurstang naar beneden
vastgemaakt. Men kan hem op breed gelaten, om de spanning van den
of smal zetten, Men maakt eerst een bovendraad niet uit te sluiten. Om
rechten naad, die men geteekend bij het borduren en stoppen het ver-
schuiven van het borduurraam met
de hand te kunnen regelen en op
die wijze de lengte en richting van
de steken al naar het noodig is te
kunnen veranderen, wordt de steek-
plaat verruild met de borduursteek-
plaat (zie Afb. 19).
Draad en naald.
Bii het stoppen moet men als bo-
venen onderdraad goedmachine-
stopgaren No. 50 of No. 60 gebruiken.
heeft, schuift de stof dan zoover naar
rechts van den naad als de rijen van
elkaar verwijderd moeten zijn en
maakt den watteerder dan zoo vast,
dat het onderste gedeelte juist op
den eersten naad valt. Bij het verder
naaien dient men er op te letten, dat
de bewuste naad precies langs de
watteerder geleid wordt. Evenzoo
handelt men bij de volgende naden
en quadraten.
Afbeelding 19.
Voor het borduren wordtvoor den
bovendraad beste machinezijde of
kleurecht borduurgaren genomen,
24 25View original page 14Page 17 · Read text
den worden. Men verkrijgt kleine, met gelijkmatige, dicht bijelkaar lig-
ronde knoopjes. indien men deze gende dwarssteken overheen gebor-
plaatsen meerdere malen om de naald duurd
laat rond gaan. Nadat men. het pa-
troon klaar genaaid heeft, maakt men
Afbeelding 26.
een dun snoer om de uitgeknipte
Afbeelding 28. plaatsen en borduurt over dat snoer.
Bij dit werk moet men borduurziide Ook voor het borduren van letters
van gelijken kleur gebruiken en de kan men als onderdraad gewoon
garen gebruiken.
Patronen prikken.
Ten slotte kan men de ma-
chine ook gebruiken voor het
prikken van patronen als direc-
te piaatsvervangster voor een
Afbeelding 27.
speciale machine en zelfs kun-
spanning van de beide draden iets
nen de moeilijkste teekenin-vaster maken dan men bij gewoon
borduren doet. gen geprikt worden. Men moet
hiervoor echter eene bijzon-
dere naald zonder oog ge- Het borduren
bruiken, die men bij den ver- van monogrammen.
De voorgeteekende letters worden kooper van de machine of
eerst, al naar gelang, met lange ste- aan de fabriek kan verkrijgen.
ken voorgewerkt en dan wordt er
30 31View original page 17Page 18 · Read text
Elke Naumann-
Naaimachine moet
voor op den arm den
naam
Naumann
dragen, terwijl op de
fundamentplaat het
gedeponeerd merk.
vermeld moet staan.
De machine wordt
geleverd met een
bewijs van waar-
borg der fabriek.
Nv 4008 Holl. Iy pt Pg.View original page 18From the ISMACS International. Original publisher and archive notices are retained.
Check the model and edition against your equipment.
PDF verified 2026-10-11.

